Dirk Diels en Veronique De Bruyne (©Victoriano Moreno)

Stad Antwerpen beweert niet alleen te investeren in groeibedrijven, maar backt die woorden ook up met effectieve financiële steun: creatieve ondernemers die een innovatief project willen uitwerken binnen mode of design, kunnen ondersteuning van (maximum) 100.000 euro krijgen om dat project te realiseren, op voorwaarde dat dit binnen de zes maanden gebeurt. Aan ambitie ontbreekt het de stad in elk geval niet.

Al enige tijd roept stad Antwerpen ondernemers op om projecten in te dienen, telkens binnen een specifiek domein. Zoals circulaire economie, digitalisering, mobiliteit of health. Ditmaal ligt de focus van de thematische oproep heel specifiek op vernieuwende projecten in mode of design.

Vrijblijvend is de oproep echter niet: ten eerste moet je project de Antwerpse creatieve industrie activeren en ten tweede moet je het Antwerpse ecosysteem in mode of design versterken door samen te werken met partners. “Maar pin ons vooral niet vast op de stadsgrenzen”, aldus Dirk Diels, directeur Bussiness & Innovatie bij stad Antwerpen.

It’s all about connectivity. Om business te genereren moeten we onze grenzen overstijgen en schakelen met spinoffs van UAntwerpen maar evengoed UGent of KULeuven. Alleen zo zullen we ook internationaal het verschil maken. Kijk, we hebben in Vlaanderen evenveel inwoners als Singapore én we zijn even groot als Silicon Valley, we moeten alleen nog de verschillende spelers met elkaar zien te verbinden om evenveel impact te maken.”

Ander niveau van waardecreatie

“We willen ondernemende stad zijn met veel bedrijven die waarde creëren”, gaat hij verder. “Onder meer door starters kansen te geven om te groeien door te innoveren en te internationaliseren. Innovatie heeft, zeker binnen steden, de laatste tien jaar enorm aan belang gewonnen. Om een heel eenvoudige reden bovendien: als je als stad je structuur wil versterken, heb je ondernemingen met concurrentievoordeel nodig. En dat zijn ondernemingen die vooruitlopen op de toekomst en dus innoveren.

De afgelopen jaren hebben we in dat opzicht vooral op nieuwe spelers binnen digitalisering en circulariteit ingezet, maar we hebben ingezien dat we ook de creatieve economie niet mogen vergeten. Die zit qua waardecreatie weliswaar niet op hetzelfde niveau als onze grote spelers – diamant, logistiek … – maar is wel een cluster waar fundamenteel ontwerp en vernieuwing aan de orde is.

Bovendien hebben we uitmuntende kunstenaars, designers en modeondernemers nodig die het internationaal waarmaken en onze stad de nodige uitstraling geven. Een mooi recent voorbeeld is Rizon Parein die nu zelfs voor Meta gaat werken. Vergeet bovendien niet dat de creatieve sector ook heel sterk inzet op digitalisering. Zie bijvoorbeeld het in Antwerpen gevestigde WeWantMore, dat steeds meer inzet op belevenisconcepten binnen de publieke ruimte en horeca, of de vele dataverwerkingsplatformen rond stoffen, maten, garments ... Vandaar dus deze specifieke oproep.”

De Antwerpse Cyber Six

Veronique De Bruyne is binnen Business & Innovatie actief in het team Ondernemen en focust daarbij concreet op creatieve modeondernemers. Zij is dan ook projectleider van deze thematische oproep. “Om een voorbeeld te geven van innovatie: bij de vorige oproep voor de creatieve sector haalde bijvoorbeeld Mutani financiële steun binnen.

Mutani helpt modeontwerpers hun werk klaar te maken voor de metaverse, een geheel van virtuele omgevingen, door de digitalisering van fysieke modecreaties voor hun rekening te nemen. Daarbij wordt gesofisticeerde technologie gebruikt die veel rekenkracht vergt.

De digitale creaties krijgen een uniek eigendomscertificaat via non-fungible tokens (NFT's), registraties op een blockchain. Omdat binnen dit project zes afgestudeerden van de modeafdeling van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen worden gematcht met digitale ontwikkelaars, wordt het de Antwerp Cyber Six genoemd, wat uiteraard een knipoog is naar de Antwerpse Zes in de modesector.”

Portretten voor Bloovi - Dirk Diels en Véronique De Bruyn
Veronique De Bruyne (©Victoriano Moreno)

Een ander sprekend (en goedgekeurd) voorbeeld is Polygonal, dat een online platform ontwikkelt om kledingpatronen digitaal te ontwerpen, aan te passen en te delen. Dit project combineert expertise in modeontwerp en -productie met wiskundigen die thuis zijn in geavanceerde algoritmes. Dankzij Polygonal kunnen ook liefhebbers gemakkelijk patronen maken, omdat er geen ingewikkelde CAD-CAM-systemen aan te pas komen – de berekeningen zitten er namelijk al in.

“Maar ook creativiteit binnen businessmodellen zelf is iets waar we op letten”, aldus Veronique De Bruyne. “Bijvoorbeeld als gevolg van de groeiende focus op duurzaamheid en circulariteit. Spelers binnen mode en design beseffen dat een nieuwe collectie om de zes maanden niet meer te verantwoorden is en dat fast fashion haaks staat op duurzaamheid. Daar zit enorm veel innovatief groeipotentieel.”

Synergieën die innovatie aanjagen

“Bij de goedkeuring van nieuwe projecten zullen we dan ook niet focussen op esthetiek – we zullen niet jureren op de afwerking of schoonheid van een kleed – maar op de versterking van het ecosysteem en de community”, gaat Veronique De Bruyne verder.

“De bedoeling is dat ze de stad in de kijker helpen stellen als een voorloper in innovatie en design, wat op zijn beurt kan leiden tot nieuwe partnerships. We zien ook dat start-ups alleen maar sterker worden als ze samenwerken, in plaats van op hun eigen eilandje te zitten.

Het gaat over synergieën, en als die goed zitten en innovatie aanjagen, zien we dat dit leidt tot snellere groei, grotere meerwaarde en meer werkgelegenheid. Die synergieën zien we ook over verschillende domeinen heen: zo zijn er nu al mooie samenwerkingen tussen design en healthcare.”

Internationaal onderscheidende markten

“Het einddoel is waardecreatie met sterke ondernemingen die – om het met een platitude te zeggen – zorgen voor welvaart en voor jobs”, aldus Dirk Diels. “Combineer dat met de schaal van Antwerpen en het lef van onze jonge ondernemers, en dan kan je wel een verschil maken.

Dirk Diels (©Victoriano Moreno)

Wat wij als overheid moeten doen, is de markt goed kennen, faciliteren en hier en daar een zetje geven. Niet superviseren, maar mogelijk maken, inzetten op connectiviteit en matchmaking. En dan kunnen er mooie dingen gebeuren. We zijn ook een fors inhaalmanoeuvre bezig: tien jaar geleden had Antwerpen een zwakke positie wat betreft innovatie en start-up cultuur, zeker tegenover Gent en Brussel.

Niet voor niets zijn we door de Financial Times internationaal bekroond als ondernemersvriendelijke stad en kregen we ook een innovatie award en een specialisatie award met onze chemische cluster

Vandaag hebben we, mede dankzij een stevig beleid, een mooi volume aan start-ups en scale-ups. Bijgevolg mogen we ambitieus zijn: in tegenstelling tot Gent en Brussel hebben wij nog geen unicorn voortgebracht, maar we hopen erop die vroeg of laat wél te hebben. En we hebben onze troeven: niet alleen de stad zelf, de verschillende incubatoren, onderzoekcentra als imec en het VIB, de universiteit, kapitaalgroepen als Fortino, maar ook en vooral onze enorme, internationaal onderscheidende markten in het maritieme, in het logistieke, in diamant, in de (groot)industrie en in retail.

Evolutie aantal Antwerpse starups tov andere steden (Bron: Dealroom)

We zijn een stad met zoveel ondernemerspotentieel dat we het gevoel hebben dat we nog altijd onder ons gewicht aan het boksen zijn, terwijl we eigenlijk boven ons gewicht willen boksen. Niet voor niets zijn we door de Financial Times internationaal bekroond als ondernemersvriendelijke stad en kregen we ook een innovatie award en een specialisatie award met onze chemische cluster.”